Kabinet maakt plannen voor onverantwoorde wijzigingen

2 jun 2011

Meer keuze, meer zelfstandigheid, langer zelfstandig thuis blijven wonen, hulp inzetten op momenten dat dat het best past, regie over je eigen leven, dat kan op dit moment nog door gebruik te maken van het persoonsgebonden budget.

Daarmee heeft het kabinet jarenlang gestimuleerd dat er flexibiliteit ontstond in de zorg, dat de wachtlijsten bij zorginstellingen verdwenen, dat er minder druk kwam te liggen op verzorgings- en verpleeghuizen. Daarmee zorgde de regering ook voor een kostenbesparing, immers thuis verzorgd worden door zorgverleners, die betaald worden vanuit een PGB is altijd nog vele malen goedkoper dat wonen in een verzorgings- of verpleeghuis.

Met de nu voorgenomen besluiten worden al die verworvenheden in een klap teruggedraaid.

Alleen nog PGB met een verblijfsindicatie.

Vanaf 1 januari 2012 kan, als het aan het kabinet ligt, alleen nog een PGB worden aangevraagd door mensen met een ‘verblijfsindicatie’.
Voor dat PGB moet de aanvrager een zorgplan indienen dat door het zorgkantoor moet worden goedgekeurd. De financiële afwikkeling van het PGB moet via een daarvoor geopende bankrekening worden geregeld.
Nieuwe budgethouders mogen vanaf die tijd hun budget ook niet meer via bemiddelingsbureaus inzetten.

Uitsluitend nog een PGB als er een verblijfsindicatie is afgegeven houdt in dat alle andere zorg verleend moet gaan worden door zorginstellingen die zorg in natura leveren via de AWBZ.

Deze plannen hebben vergaande consequenties.

Druk op reguliere zorginstellingen

Iedere andere indicatie voor thuiszorg zal moeten worden ingezet via WMO en door reguliere zorginstellingen die Zorg In Natura (ZIN) mogen leveren via de AWBZ.
Gehandicapten die zorg nodig hebben, partners die bij elkaar kunnen blijven en ouderen die zolang mogelijk thuis willen blijven wonen, hebben hun leven vaak goed geregeld met behulp van het PGB.
Dat mag dus niet meer, zegt het kabinet Rutte.

Al die zorg moet gewoon keurig geregeld worden via WMO en uitgevoerd door zorginstellingen die de explosieve vraag naar thuiszorg straks niet meer aan gaan kunnen, zij worden immers nu al geconfronteerd met een tekort aan zorgverlenend personeel. Daarnaast hebben die instellingen ook te maken met een overproductie, zorg die wel wordt verleend, omdat ze vinden dat dat maatschappelijk gezien moet, maar die niet wordt gefinancierd vanuit de AWBZ.

Het tekort aan personeel en de overproductie zijn situaties die gewoon niet kunnen blijven voortduren.

ZZP-er buiten spel

De grote groep zorgverleners die werkzaam zijn als zzp-er komen op hun beurt ook onder druk te staan.

Van hen wordt verwacht dat ze rechtstreeks contact gaan onderhouden met de zorgkantoren. Ze mogen geen gebruik maken van bureau’s die dat voor hen regelen. Ze worden steeds meer gedwongen zelf contracten af te sluiten, op de hoogte te zijn van alle regels en PR activiteiten op te zetten om cliënten te bereiken.

Veel zzp-ers zullen om die reden afhaken en het werkveld verlaten.

Wachtlijsten

In de praktijk dreigt straks een situatie te ontstaan die we al kennen uit het verleden: lange wachtlijsten voor de thuiszorg, langer verblijf in ziekenhuizen, een veel grotere druk op mantelzorgers en sociale omgeving.
Thuiszorg met een verpleegkundige indicatie kan niet door mantelzorgers worden verleend. Mensen die verpleegkundige hulp nodig hebben komen gewoon op die wachtlijst terecht.

Duurt dat te lang?

Dan is er straks nog maar een alternatief: een verblijf aanvragen in een verzorgingstehuis, zodat een volgend kabinet zich zorgen mag gaan maken over een uit de hand gelopen kostenplaatje van de AWBZ en een opvolger voor het PGB in het leven gaat roepen.

Het kabinet neemt een onverantwoorde beslissing.

Reageer


- 2 = one